POËZIE

 

 

 
Beweging

Honderd jaar geleden
Slenterden
Op deze plek
Aan de rand van dit bos
Door wijn en dans bedrogen
De maan in elkaars ogen…

En over honderd jaar
Slenteren
Op deze plek
Aan de rand van dit bos
Het zonlicht in hun haar
Verloren in elkaar…

Maar nu
Is het onze tijd
Op deze plek
Aan de rand van dit bos
De regen in onze wimpers
Kijk ik in jouw ogen
En jij in de mijne

 
Intelligentie’s geboorte

Er waren eens twee apen
Een mannetje en een vrouwtje
Ze kwamen bij een apenval
Die hing daar aan een touwtje

De nieuwsgierigheid die won
Hier viel duidelijk wat te halen
Een snoepje, een bonbon
Of een kuur voor alle kwalen

Zij stak haar hand naar binnen
Je weet wel hoe dat gaat
En omklemde met haar vingers
De kennis van goed en kwaad

 
Slachtofferrol

Drama, drama, drama
Kom sleep me met je mee
Bij Spar of Nettorama
Al in de dramazee

Drama, drama, drama
Jij bent mijn reddingsboot
In jurk of in Pyjama
Want drama maakt mij groot

Ik was al nooit een boffer
Het wordt mij aangedaan
Want zonder mij als offer
Kan drama niet bestaan

Sleuren sleuren sleuren
Ik laat mij er door mee
Het moet steeds weer gebeuren
Zonder dat was ik ok

Drama, drama, drama
Wat doe ik mij toch aan
Ik wil een ander panorama
En begin er niet meer aan

 
Kus me nu

Je verlangt naar een relatie
Bij voorkeur vast en serieus
Waarom toch zo nerveus?
Vanwaar toch die fixatie?

Vast mag niet bewegen
Serieus is zonder lach
Als ik dan kiezen mag
Ben ik anders toch genegen

Geen mens is mijn bezit
Ik zie je liever vrij
Compleet ook zonder mij
Het hoeft niet zwart op wit

Dus vergeet dat hele trouwen
Of je blundert, liegt of steelt
Met wie je ‘t bed ook deelt
Ik zal toch wel van je houden

Er is niets dat beklijft
We bestaan uit puur verdwijnen
Bergen worden weer ravijnen
En jij wil dat ik blijf?

Liefde heeft niks nodig
Ze vraagt niks noch verbiedt
Ze wil slechts dat je geniet
Het maakt relaties overbodig

 
Gedachten

Gedachten zijn de scheten
Gelaten door mijn brein
Van lucht zijn zij bezeten
En sommigen doen pijn

Bij dagen en bij nachten
Dat winden van de geest
Daar borrelt een gedachte
Omhoog terwijl je leest

Onafgebroken flatus
Een brei gebakken lucht
Die verstandelijke staat is
Voorbij al in een zucht

Ik blijf erin verkeren
Soms briesje soms orkaan
Die scheet uit hemisferen
Ik laat hem lekker gaan

 
Tocht met Daevid

Bier

Fiets

Dijk

Nacht

Maan

'But high up in the trees...'

Wind aan de oren

'Where fantasies are free...'

Naar koeienpoep riekende koelte van naderende herfst

'...are you not rather lonely'

Sterren

'Just like me...'

Ganzen in de verte

'Just like me...'